Alle stukken

Boedel · 2026-06-14 · 6 minuten

Contant geld in huis telt mee in de boedel

Geld dat je in huis vindt, is een actief. Het hoort op de boedelbeschrijving, ook als het in een la, een envelop of een kluis lag en nooit op een bankafschrift stond. Maak een regel aan op de dag dat je telt. Zet het bedrag, de munt, de plek waar je het vond en de datum van de telling. Tel bij voorkeur met twee personen erbij. Noteer beide namen. Dat maakt later navolgbaar wie welk bedrag heeft gezien. Lukt een tweede persoon niet, dan schrijf je dat ook: geteld door één persoon, de reden en de datum. Je laat het geld niet weg omdat de telling onhandig voelt.

Het bedrag van de telling is niet vanzelf de waarde op de ochtend van de sterfdag. Tussen overlijden en de teldag kan er al zijn betaald of kan een envelop zijn verplaatst. Vraag dat na en noteer het antwoord als feit. Kun je het saldo op de sterfdag niet meer reconstrueren, dan zet je de telling als waarde nu, met de teldag, en laat je de waarde op de sterfdag leeg. Een reconstructie die je toch maakt, markeer je als schatting met namen en datum. Je verzint geen beginbedrag om de sterfdag toch gevuld te krijgen. Leeg met een toelichting is bruikbaarder dan een rond getal.

Schrijf dezelfde dag op waar het geld naartoe gaat. Of storten op de bestaande rekening mag, vraag je de bank, want een rekening kan geblokkeerd zijn. Tot dat antwoord er is, noteer je waar het geld fysiek blijft: een kluis, de notaris, of een nieuwe rekening van de nalatenschap zodra die er is. Gaat het naar een rekening, dan koppel je de latere bijschrijving aan deze contantenregel, zodat je het niet twee keer als actief telt. Een uitgave vanuit het contante geld is een betaling, met datum en nota. Het contante actief daalt met hetzelfde bedrag. Zonder die tegenboeking verdwijnt er geld uit de lijst zonder spoor.

Een envelop met een naam erop is nog geen schenking en nog geen legaat. Je telt het bedrag wel, en je noteert de tekst op de envelop als feit, met de datum van de telling. Of die tekst een laatste wil is, beoordeel je niet in de boedelregel. Dat is een vraag voor de notaris, met het papier als bijlage. Tot die duiding blijft het geld een actief van de telling. Je haalt het niet vast uit de boedel omdat de familie de tekst wil volgen. Die wens noteer je als context. De lijst houdt het bedrag zichtbaar, met de vindplaats, de namen van de tellers en de datum.

Contant geld tellen is geen taxatie en geen belastingadvies. Ervazo vult het bedrag niet in. De bron is de telling: namen, datum, plek en waar het geld daarna bleef. De bank is de bron zodra het bedrag op een afschrift is bijgeschreven. Wat de Belastingdienst van dit geld vindt, vraag je niet aan deze regel en leid je niet af uit de vondst. Tot de telling op papier staat, bestaat de post niet alleen in een geheugen. Een leeg veld is beter dan een bedrag dat niemand heeft geteld.