Alle stukken

Executele · 2026-06-18 · 6 minuten

Het centraal testamentenregister

Eerst komt de vraag of er een testament is. Die vraag gaat voor de verdeling uit. Het centraal testamentenregister is de plek waar wordt vastgelegd dat een akte bestaat. In het dossier is het raadplegen van dat register een eigen feit, met de datum van de raadpleging en het resultaat. Geen raadpleging, dan staat niet dat er geen testament is. Een herinnering van de familie is een andere bron en krijgt een andere naam.

Het register zegt dat er een akte is. Het geeft niet de hele inhoud. Een treffer laat zien dat er een testament is, niet de clausules. Het dossier neemt niet meer over dan het uittreksel laat zien. De tekst van de clausules komt pas binnen als de akte zelf of een afschrift daarvan in het dossier ligt. Tot die tijd blijft elke inhoudelijke vraag leeg: wettelijke verdeling, legaat, executeur, last. Het uittreksel vult die velden niet.

Geen treffer is ook een resultaat, met dezelfde zorg. Het dossier noteert de datum en dat het register toen geen akte wees. Dat is geen oordeel voor altijd over elke mogelijke wilsuiting. Het is de uitkomst van die raadpleging. De versterferfgenamen kunnen daarna als werkregel in beeld komen, met de vier groepen van artikel 4:10 BW, zolang er geen akte is. Die werkregel blijft herzienbaar als later alsnog een testament boven tafel komt.

De akte zelf wordt opgevraagd bij de notaris die het stuk bewaart, niet overgeschreven uit het geheugen. In de tijdlijn staat het verzoek en daarna het stuk. Een executeur of een erfgenaam wordt pas op de akte gebaseerd als de akte er is. Het registerantwoord ligt erbij als bewijs dat er gezocht is, niet als vervanging van de akte. Twee documenten, twee rollen. Het programma haalt de inhoud niet uit een registratie die de inhoud niet bevat.

Ervazo raadpleegt het register niet zelf en maakt geen akte. Het bewaart het resultaat dat iemand in het dossier zet en rekent niet als advies. Een treffer is geen verdeling. De clausules komen pas met de akte mee. De notaris, de rechter of de Belastingdienst beslist over de concrete zaak. Zolang alleen het registerantwoord er is, is bekend dat er een akte is of niet, en verder nog niets.